Koning 1966: Petrus Wils

Op Halfvasten 1966 werd bij de Oude Gans Berendrecht de laatste koning van het seizoen gekroond, traditioneel het sluitstuk vóór het daaropvolgende keizerrijden. Zestien ruiters trokken die zondag door het dorp om uittredend koning Fons Crynen uit te halen. In stoet, op geleende paarden, werden de Berendrechtse kasseien bedwongen en kregen de aangesloten cafés een grondige inspectie.

Voldoende gesterkt begaven de ruiters zich vervolgens naar de Solftplaats, waar de gans aan het net hing te wachten. Na ongeveer anderhalf uur van intens sleur- en trekwerk viel de beslissing: Petrus Wils bewees opnieuw zijn kracht en hield de ganzenkop als eerste in handen. Daarmee kroonde hij zich tot koning 1966 van de Oude Gans.

Meteen na zijn overwinning liet Petrus Wils verstaan dat hij zijn zinnen had gezet op het keizerrijden van de daaropvolgende zondag. Zijn vastberaden blik en krachtige woorden deden vermoeden dat hij niets aan het toeval wilde overlaten. De verwachting voor het keizerrijden was dan ook groot: een indrukwekkende stoet, fanfares door het dorp en een strijd om de opperkroon op het Solft, waar keizer Staf Dons zijn titel niet zonder slag of stoot zou afstaan.

Zo werd 1966 een jaar waarin de Oude Gans niet alleen haar koning kende, maar ook reikhalzend uitkeek naar een groots keizerschap.