Koning 1971: Petrus Wils

Op Halfvastenzondag 1971 was het de beurt aan de Oude Gans Berendrecht om de koningstitel te betwisten. Rond de middag verzamelden ruiters, doktoors, verpleegsters, fanfare en gevolg aan de kerk en in en rond lokaal De Kroon. Vandaar trok het gezelschap naar de woning van koning-keizer Jef Hendrickx, die zijn zestien ruiters gelaarsd en gespoord opwachtte en hen gul trakteerde.

Na een rondgang langs vijf aangesloten herbergen begon omstreeks 15 uur het eigenlijke koningsrijden op het Solftplein. De loopweg was dit jaar aangepast en afgezet aan de oostzijde. Door het mindere weer en lichte regen bleef een massale toeloop op het plein uit, al deden de cafés rondom uitstekende zaken.

Het spel werd kleurrijk aan elkaar gepraat door omroeper René Janssens uit Zandvliet, die met micro en geluidsinstallatie de ruiters en het gebeuren deskundig becommentarieerde. Ronde na ronde reden de blauw-wit uitgedoste ruiters onder de galg door, terwijl de premie werd opgedreven tot meer dan 7.000 frank.

Goed na half zes trok keizer Jef Hendrickx het net stuk. Dat was het sein voor Petrus “Peer” Wils om toe te slaan. Met een krachtige greep kraakte hij de ganzenkop en kroonde zich tot koning 1971 van de Oude Gans Berendrecht. Hoeveelste koningskroon dit precies was voor Peer Wils, wist niemand nog exact — volgens de verhalen op het Solft zou het zijn elfde titel geweest zijn. Daarmee zette hij zijn zinnen op het record van ex-keizer Fons Gabriëls, die maar liefst vijftien keer koning werd.